Slachtpartij in Hama
Assad was in 1970, door een staatsgreep, aan de macht gekomen in Syrië. Hij behoorde tot de religieuze groep Alawieten, een mengeling van verschillende geloven. De groepering was in het verleden veel vervolgd door Moslims.
De Alawieten kregen dankzij Assad meer macht, waar de Moslim Broederschap zich tegen verzette. Naar aanleiding van de politieke keuze van Assad tijdens de burgeroorlog in Libanon in 1976 werden er in 1979 bijna 100 Alawitische soldaten vermoord. Ook werd er op 26 juni 1980 een aanslag gepleegd op Assad.
Toen in 1982 opnieuw opstanden van de Broederschap uitbraken vond Assad dat het beeindigd moest worden. De stad Hama werd van de buitenwereld afgesloten en vanaf 2 februari 1982 tot begin maart beschoten.








